• over Y.Né | about Y.Né
  • nieuws | news
  • logboek | log
  • publieke ruimte | public space
  • beeldend | fine art
  • poëziebundels | poetry
  • in bloemlezingen | in anthologies
  • in tijdschriften | in magazines
  • proza | prose
  • theater | theatre
  • recensies | poetry reviews by YN
  • vertaling | translation
  • lezingen | lectures
  • artikelen over YN | articles about YN
  • publicaties overig | articles other
  • commentaren | commentaries
  • links
  • Lezingen
  • Conservatorium Zwolle
  • De Nieuwe Veste Breda
  • Van Gogh-lezing
  • Symposium Rotary
  • Studium Generale St.Joost
  • Commentaren

Conservatorium Zwolle

Gedichten in gedaanten
Gehouden in het Conservatorium te Zwolle, 2000

Eén van de hoogtepunten van de studieweek was de ‘performance’ van dichteres en beeldend kunstenaar Yvonne Né. Zij maakte, met als uitgangspunt de partituur (dus niet de opname!) van Manneke’s Topos (voor vocaal ensemble, op tekst van Arthur Rimbaud, 1995) een aantal gedichten en tekeningen, die werden gebundeld in het boek Liggen in een gras (uitg. Van Kemenade, Breda 1996). Het werk Topos is een halfscenisch madrigaal, waarbij de zangers zich tijdens de uitvoering door de ruimte bewegen. De ontwikkeling in een mensenleven, verwoordt door de franse dichter Rimbaud in diens Illuminations, staat in het werk én in Né’s boek centraal. De gedichten in Liggen in een gras lopen parallel aan de tekst van Rimbaud in Topos. Né ging in een boeiend betoog in op de ontstaansgeschiedenis van Liggen in een gras. Ze vertelde onder meer over de manier waarop ze als dichteres met een kunstwerk uit een andere discipline, namelijk de muziek, omging. Het resultaat van dit proces was de uitgave van een indrukwekkend boekwerk. Opvallend is dat haar teksten Manneke’s compositie niet ‘verdubbelen’ maar een geheel nieuwe dimensie aan de muziek geven. Né’s lezing was een warm pleidooi voor het slechten van de grenzen tussen verschillende kunstvormen, een gegeven dat wellicht ook voor de toekomst van de orgelcultuur van belang kan zijn. Peter Ouwerkerk, 2000,
gepubliceerd in De ORGELkrant jaargang 5 (2000), nr. 3